De jazzschilderijen van Ten Have hebben de gedempte kleuren van een rokerige club in de vroege ochtend. Met een beetje goede wil ruik je het verschraalde bier, maar dan ineens is daar die uithaal van die trompettist of dat loopje van die bassist. Ook bij zijn jazzmusici slaagde Tjarko erin de essentie te treffen. Hij schilderde niet zomaar een jazzmusicus. Nee hij schilderde een musicus die speelt.